Studiedag Algemene Intersectorale Richtlijn Diagnostiek

14 oktober 2020 – Oude Vismijn Gent

Ter introductie van de Algemene Intersectorale Richtlijn Diagnostiek organiseert het Kwaliteitscentrum voor Diagnostiek op 14 oktober 2020 een studiedag waarop deze richtlijn uitgebreid zal worden toegelicht. Verschillende sprekers zullen elk vanuit hun expertise een aspect van kwaliteitsvolle diagnostiek belichten. Hieronder vindt u  het programma en informatie over de sprekers en de inhoud van hun lezingen.

Klik hier om u in te schrijven voor de studiedag.

Locatie

Oude Vismijn
Rekelingestraat 5
9000 Gent

Parkeermogelijkheden

  • Parking Karmelieten (4 min. stappen)
  • Parking Ramen (5 min. stappen)
  • Parking Vrijdagsmarkt (7 min. stappen)
  • Parking Sint-Michiels (7 min. stappen)

Openbaar vervoer

  • Vanuit Station Gent Sint-Pieters
    – Tram 1 tot aan halte Gent Gravensteen (15 min.)
  • Vanuit Station Gent Dampoort
    – Bus 3, 17, 18, 38 of 39 tot aan halte Gent Korenmarkt (7 min.) + stappen (5 min.)

Inschrijving

€ 65
– Accredidatie voor artsen werd aangevraagd

Programma

9u00

9u20

9u30

10u15


11u00

11u30

12u15

13u15

14u00

14u45

15u15


16u15

16u50

Onthaal

Verwelkoming

Dr. Nathalie Schouppe – Ontstaan van de Intersectorale Richtlijn en het belang van kwaliteitsvolle diagnostische instrumenten

Prof. dr. Kristof Van Assche – Het delen van gezondheidsgegevens: naar een betere balans met de autonomie en privacy van de patiënt?

Koffiepauze

Prof. dr. Stijn Vanheule – Een crisis is ook altijd een verhaal

Lunch

Prof. dr. Pieter Adriaens – Terughoudendheid binnen een diagnostisch proces

Prof. dr. Paul Van Royen – Kwaliteitsvolle diagnostiek is interprofessioneel teamwork

Koffiepauze

Dr. Julie De Ganck – Resultaten documentaireproject en case study onderzoek over het belang en de functie van dialoog binnen een diagnostisch onderzoek

Mevr. Caroline Vrijens – Afsluitende reflectie

Dhr. Laurent Bursens – Afsluitend woord van de voorzitter

Sprekers

Prof. dr. Kristof Van Assche

Kristof Van Assche is onderzoeksprofessor gezondheidsrecht aan de Universiteit Antwerpen, waar hij ook rechtsfilosofie doceert. In zijn onderzoek analyseert hij de juridische kwesties die kunnen opduiken bij potentieel controversiële interventies op het gebied van gezondheidszorg, zoals abortus, euthanasie en medisch geassisteerde zelfmoord, orgaandonatie en orgaanhandel, prenatale tests en gene editing, medisch geassisteerde voortplanting en draagmoederschap, biobanking, experimenten op mensen, neuro-interventies, en dwangmaatregelen. Zijn invalshoek is naast strikt juridisch ook ethisch en rechtsfilosofisch van aard.

Het delen van gezondheidsgegevens: naar een betere balans met de autonomie en privacy van de patiënt?

Onze gezondheidszorg is sinds kort de weg ingeslagen van digitalisering en gegevensdeling. Deze evolutie is onomkeerbaar en heeft een grote impact op preventie, diagnose en behandeling. Ondanks de grote voordelen die hiervan te verwachten zijn, staat deze evolutie op gespannen voet met sommige patiëntenrechten en in het bijzonder met het respect voor diens autonomie en privacy. Relevante principes vinden we onder meer terug in de Wet Patiëntenrechten, de Kwaliteitswet en de Wet Bescherming Persoonsgegevens. Vragen die in dit verband gesteld kunnen worden zijn onder meer: 1) mag gegevensdeling als voorwaarde gesteld worden voor het verlenen van zorg?; 2) hoe valt de ruime toegang tot de gezondheidsgegevens te rijmen met het beroepsgeheim en het vertrouwen dat de patiënt in de zorgverlening moet kunnen stellen?; en 3) wat met het recht van de patiënt op inzage, rectificatie en wissen van bepaalde gegevens? In de presentatie zal hierop dieper worden ingegaan.

Prof. dr. Stijn Vanheule

Stijn Vanheule is klinisch psycholoog en psychoanalyticus. Hij is als professor klinische psychodiagnostiek en psychoanalyse verbonden aan Universiteit Gent. Hij is auteur van meerdere boeken en onderzoeksartikelen binnen zijn vakgebied en werkte in 2019 voor de Hoge Gezondheidsraad mee een advies uit over het gebruik van diagnostiek (https://www.health.belgium.be/nl/advies-9360dsm).

Een crisis is ook altijd een verhaal

Psychische problemen komen onder allerlei gedaanten tot uiting. Bij de een als agressieproblematiek, bij een ander als eetstoornis en bij nog iemand anders onder de vorm van een verslaving. Door problemen op die manier te categoriseren, krijgen we vat op typische gedragspatronen. Maar er is meer. Het functioneren van mensen is ook altijd ingebed in leefwerelden en sociale omstandigheden. Crisissen getuigen met name van een stilstand in iemands verhaal. Ze geven uiting aan radeloosheid en verwarring. Aan boosheid en verdriet. Wie deze dynamiek wil vatten, moet de verhalen van jongeren lezen en beluisteren, en moet tijd en ruimte scheppen om samen met alle betrokkenen te denken en te zoeken. Enkel op die manier kan diagnostiek het pad effenen voor pragmatische actie en destructieve patronen helpen doorbreken.

Prof. dr. Pieter R. Adriaens

Pieter R. Adriaens is hoofddocent verbonden aan het Hoger Instituut voor Wijsbegeerte van de KU Leuven, waar hij doceert over de geschiedenis en filosofie van de wetenschappen, en over de relatie tussen mensen en andere dieren. Hij werkt ook mee aan niet-academische projecten, zoals een documentaire-reeks over de geschiedenis van de menselijke homoseksualiteit en een boek en filmproject over een jonge vrouw met het syndroom van Cotard.

Terughoudendheid binnen een diagnostisch proces

De gezondheidszorg is een domein waarin onze feitelijke onwetendheid onderschat wordt. We weten al langer dat patiënten de kennis en geneeskracht van artsen, alsook de effectiviteit van hun ingrepen overschatten. Sommige artsen hebben zelf ook die neiging. Die overschatting is overigens erg menselijk, in beide groepen. Aan de kant van de artsen is er onder meer het menselijke verlangen een einde te maken aan de onrust van hun patiënten – een onrust die voortkomt uit het lijden, maar ook uit de onwetendheid van patiënten over wat hen overkomt. Aan de kant van de patiënten gaat elke toestand van ziekte gepaard met onzekerheid, die zich vaak vertaalt in een zogenoemde optimism bias (‘als een therapie aangeboden wordt, zullen de voordelen wel groter zijn dan de nadelen’), maar ook met een grote behoeftigheid. Er is de behoefte aan een duidelijke diagnose, die op eenduidige wijze verbonden is met een beproefde therapie, liefst in de vorm van een magic bullet (dat wil zeggen een therapie die én specifiek is én effectief), en die ten slotte zelf niet al te veel nevenwerkingen heeft of schade aanricht. In mijn lezing bespreek ik nut en nadeel van onwetendheid in de (psychische) gezondheidszorg.

Prof. dr. Paul Van Royen

Paul Van Royen is gewoon hoogleraar huisartsgeneeskunde aan de Universiteit van Antwerpen en voorzitter van het onderwijsproject IPSIG. Hij is betrokken in verschillende (Europese) onderzoeksprojecten binnen de eerstelijnsgezondheidszorg, op topics zoals luchtweginfecties en het voorschrijven van antibiotica, medische besliskunde, medische opleiding, gezondheidszorgorganisatie en hanteren van gegevens in de gezondheidszorg. Als huisarts in een groepspraktijk in Antwerpen en als verantwoordelijk bestuurder van het Vertrouwenscentrum Kindermishandeling, heeft hij een nauw contact met het hele werkveld van de gezondheidszorg. Hij is daarnaast ook coördinator van het Praktijkrichtlijnenproject voor de eerste lijn in België, binnen EBPracticeNet en CEBAM.

Kwaliteitsvolle diagnostiek is interprofessioneel teamwork

Om een kwaliteitsvolle diagnostiek en daarop gepaste zorg waar te maken,  is interprofessioneel samenwerken een basisvoorwaarde. Samenwerken tussen disciplines, professies en sectoren start immers al bij het verzamelen, ordenen en verwerken van beschikbare relevante gegevens vanuit de hulp- of zorgvraag van een patiënt of cliënt. Interprofessioneel teamwerk is niet zo vanzelfsprekend, want je hebt er specifieke competenties van ‘samenwerker’ voor nodig. Interprofessioneel samenwerken vereist een (leer)proces, waarbij vijf stappen essentieel zijn: (1) elkaar leren kennen: wie is de ander en wie ben ik ?; (2) het opstellen van een interprofessioneel (zorg)plan; (3) patiënt/cliëntgericht werken met reflectie/evaluatie van de teamwerking (4); ethisch handelen vooral bij moeilijke en complexe situaties (5); en communiceren: hoe, waarom en met wie?  Volgens het teamdoelmatigheidsmodel van Fry ligt het geheim van goede samenwerking in vier bouwstenen: het bepalen van een teamdoelstelling, rollen en verwachtingen, procedures of afspraken, en tenslotte interpersoonlijke relaties/interacties en gedragscodes. Belangrijk voor interprofessionele samenwerking is bovendien het hanteren van een gemeenschappelijke taal en eenzelfde raamwerk, zoals bvb. het International Classification of Functioning, Disability and Health model (ICF). Deze bouwstenen van interprofessioneel samenwerken zullen toegelicht worden aan de hand van enkele  praktijkvoorbeelden in de diagnostiek en zorg-indicatiestelling.

Mevrouw Caroline Vrijens

Caroline Vrijens is kinderrechtencommissaris en zal een afsluitende reflectie geven op de studiedag.

Studiedag ASS

15 oktober 2018 – Het Pand, Gent


In het kader van de hernieuwde protocollen organiseerde het Kwaliteitscentrum voor Diagnostiek vzw de studiedag ‘Diagnostiek van Autisme in Perspectief’. De studiedag was een succes en werd bijgewoond door een ruim en divers publiek. Hieronder vindt u een overzicht van het programma en kan u ook de verschillende presentaties raadplegen.